Friends of Europe in Groenland

Dear Erik.

How are you? I hope you are going well.

We met last year and also some years ago in Esch in the Netherlands with Friends of Europe. I was a headmaster of a school for children with disabillities. Maybe you remember me.

We spoke about your book and exhibition about Greenland 100 years ago. You invited me and my wife Jeanette to come to Greenland one day.     

Well, maybe there is a possibility tot come to Greenland, I hope. I don’t know if you still have the opportunity to give some information and advice me.

What is the best time?

Where are possibillities to stay? With local people?

With kind regards.

Theo van Dooren

Esch

Met deze mail op 29 juni 2017 begon het allemaal. Dat dit zou uitmonden in een onvergetelijke trip die ons samen met Erik Torm naar Groenland zou brengen konden we toen nog niet vermoeden.

Holmegaard/Nastvaed/Fensmark in Denemarken is een van onze Friends en Erik Torm vertegenwoordigt regelmatig zijn delegatie bij de ontmoetingen. Erik en zijn vrouw Hannah komen al jaren in Groenland uit hoofde van hun begeleidende functie in het Deense en Groenlandse onderwijs. Zij hebben behalve een fascinatie voor Groenland een speciale band met het instituut Childrens Home in Uummannaq voor kinderen met ernstige gedragsproblemen.

Na de nodige email-wisselingen besluiten we om het er met nog enkele Friends uit Boxtel (Gerda, Joke en Poul die Deens spreekt) op te wagen.

Allerlei plaatsnamen komen voorbij zoals Kangerllussuaq en Uummannaq waar we van het bestaan nog nooit gehoord hebben laat staan hoe je die namen moet uitspreken.

Op woensdag 8 augustus 2018 vertrekken we richting Denemarken, Fensmark.

Na een hartelijke ontvangst en een bezoek aan Kopenhagen Rosenborgpaleis cultuurhistorisch museum, Tivoli, het beroemde beeldje van het zeemeerminnetje in de haven en het belangrijkste Deense Louisiana museum voor moderne kunst even buiten Kopenhagen.

Vanaf Kopenhagen Airport vliegen we naar Kangerllusuaq. Een adembenemende vlucht over de eindeloze ijskap. IJs, ijs, soms waterpartijen en nog eens ijs.

Vliegbasis Kangerllusuaq dus. Vier uur tijdsverschil. Een graad of 15. Niet slecht. In Nederland 38 graden. Het zonnetje staat vrolijk aan de hemel. Eerste voet op Groenlandse bodem. Een schijnbare zandvlakte met een stromende rivier vanaf de ijskap. Veel grind en vooral harde rots. Lage begroeiing. Geen enkele boom. In heel Groenland niet overigens.

Al snel blijkt dat Erik zo’n beetje iedereen kent of herkend wordt. Een praatje links, een omhelzing rechts. Wij zullen daar ons voordeel mee doen naar later blijkt.

Vervolgens per inlandse vlucht naar de havenplaats Sissimiut.

Hier gaan we rond 21.00u aan boord van een klein Cruiseschip wat ons in twaalf uur varen naar Illulisat zal brengen. Rond 23.00u gaat de zon bijna onder. Tegen twaalven te kooi.

Om 2.00u word ik wakker in onze kajuit. Het is min of meer donker, maar als ik buiten kijk voltrekt zich een wonderlijk beeld aan mijn ogen. Een donkerblauwe hemel en donkere zee en een smalle feloranje lijn over de totale breedte van de horizon die hemel en zee van elkaar scheidt.

Dan tegen vieren de eerste ijsbergen. Een sensationele ervaring. Wat een joekels. Een welhaast Titanic-gevoel maakt zich van mij meester. Ik neem aan dat de kapitein stuurman beter weet wat hij doet met modernere radarapparatuur aan boord dan in 1912.

We varen door tussen de ijsbergen die vanaf de ijskap afgebroken en via de Illulisat Fjord de oceaan in drijven. Overal waar je kijkt kolossale ijsbergen en kleinere ijsbrokken waar ons schip kletterend tussendoor vaart. In de verte op de kale steile rotsen iets van een nederzetting met houten huizen in de kleuren groen, blauw en rood. Het blijkt onze bestemming Illulisat.

Per taxi worden we naar ons verblijf gebracht. Opvallend zijn de aftandse auto’s, slecht onderhouden wegen en overal sneeuwscooters en honden sleeën. Omdat het zomer is, dus geen sneeuw en de fjorden niet bevroren staan deze werkeloos langs de kant. Evenals de vele  Groenlandse sledehonden, nauw verwant aan wolven maar wel gedomesticeerd (geen Huskies) die overal aan de ketting liggen. Op een dorp van 1200 inwoners kom je zo’n 3000 honden tegen. Midden in de nacht kan er zomaar een gehuil (want wolfachtig) uitbreken, waar niemand van wakker ligt.

Tijdens een wandeling langs de Fjord horen we voor het eerst walvissen spuiten en “loeien”.

Erik leert ons paddenstoelen zoeken, brengt ons op plaatsen waar Inuit in het onbegaanbare rots- en steenplateau begraven liggen; niet in de grond, want dat gaat niet, maar onder ronde, hoekige stenen, afgedekt met platte afdekstenen.

De aankoop van een muggennetje is geen overbodige luxe. Niet dat ze steken, dat valt eigenlijk wel mee, maar ze zitten achter je zonnebrilglazen, op je kalende bezwete hoofd, in je mouwen, in je neusgaten, in je mond, in je keel. Je loopt constant te meppen.

Dineren in het Arctic Hotel is natuurlijk een belevenis op zich, niet alleen vanwege de prijs. We eten mattak, walvishuid. Een lekkernij……..voor de Inuit. Daarnaast rendierbiefstuk en muskusos. Een lekkernij…………. Ook voor ons..

De top van de Groenlandse regering zit aan een belendende tafel. Erik heeft al gauw contact.

’s Avonds tegen zonsondergang maken we een cruise over de fjord en bezoeken een groepje rustende walvissen. Opvallend is de aanwezigheid van jagers met speedbootjes die de fjord  bevissen. De zonsondergang biedt een fenomenaal schouwspel van ijsbergen, zee, wolken en snelle wisselingen van kleurenschakeringen. Dit maken we nooit meer mee is een veel gehoorde kreet in onze groep.

Behalve dat Erik een uitgebreid netwerk heeft waar wij ons voordeel mee doen is hij ook zeer goed geïnformeerd over natuurlijke, historische en culturele achtergronden. Daarnaast heeft hij op zijn laptop allerlei documentaires en films die wij in de avonduren kunnen bekijken.

 

Op donderdag 16 augustus vliegen we door naar de nederzetting Qaarsut. En jawel. Op de airport ontmoet Erik een oud schoolhoofd uit die plaats wiens dochter over 2 dagen gaat trouwen. In Qaarsut. En jawel, we zijn welkom!!!

 

 

Qaarsut 200 inwoners, 50 huizen, 1 kerk, 1 school, 1 supermarkt. Hebben ze ook alcoholhoudende dranken? Jawel. Achter de gordijntjes waarvan wij dachten dat het pashokjes waren. Rifles, jachtgeweren

zijn er gewoon te koop. Vergunning? Nee hoor. Elektriciteit is er overal.

Water moeten we halen op een centraal tappunt.

Het toilet is een hoofdstuk apart. Vergelijk het maar met een toiletvoorziening in een caravan. Zoiets.

We horen weer walvissen spuiten. Soms een knal van een brekende ijsberg. Het gebeurt regelmatig dat een ijsberg breekt, scheurt, kantelt, rolt, omdat het zwaartepunt zich verlegt vanwege afsmelten van de ijsmassa. Toename van de golfslag. Dat is niet zonder gevaar. Het kan zelfs een grotere of kleinere tsunami veroorzaken.

Op zaterdag is de traditionele bruiloft in het protestantskerkje recht voor ons huisje. We zijn uitgenodigd op het feest een paar huizen verderop. Erik legt ons de spelregels uit. Wachten in de keuken, eten wat er van de narwal (walvis met een grote lange hoorn) afgesneden wordt en pas na een halfuurtje ga je de huiskamer in. Kaffe mik noemen ze dat. Ik mag de bruid kussen.

Die avond terug in ons Deense huisje, want hekwerkje om het perceeltje, worden de verzamelde paddenstoelen door Erik vakkundig bereid en tot een heerlijk Groenlands visgerecht met heilbot verwerkt. Poul blijkt een verdienstelijke broodbakker. De dames doen boodschappen. Ik lees een boek over een Afrikaan in Groenland. Hoogst interessant.

Je leest hoe nog geen 40 jaar geleden men in eenvoudige nederzettingen nog zeer primitief jaagde en viste in de fjorden (niet op de ijskap!!!) met honden sleden, kano’s en eenvoudige speren en harpoenen. Veel is nog zichtbaar: plaggenhutten, hondensleden. Veel is vervangen: houten huizen, sneeuwscooter, motorboten.

Het jachtje van het Childrens Home ligt de volgende middag na lang wachten en bellen eindelijk onder aan de laadkade om ons naar Uummunnaq te brengen. Met een trapje dalen we een meter of 3 af tot we worden opgevangen door stuurman Olav (Far Oer eilanden) zodat we in het oranje motorbootje plaats kunnen nemen.. De koffers gaan in het tweede bootje van Jens (Inuit). Met een noodgang gaan we de baai op richting Uummunnaq Mountain, zo’n 60 km (5 kwartier varen) verderop. Al dagenlang hebben we die zien liggen als een indianenkop die op zijn achterhoofd is gevallen. De boot slaat met harde klappen voortdurend op het water. Een nat pak voor Poul omdat de stootbal niet binnenboord is gehaald. Olav informeert of het misschien te hard gaat. Nnneee hoor. Wel koud!!! Gas erop.

Erik zou Erik niet zijn als hij niet een tussenstop had gepland. We leggen aan bij Qilaqitsoq. Hier zijn graven gevonden van 7 gemummificeerde Inuit vrouwen en kinderen. Een aanlegsteiger of wat dan ook ontbreekt. Net zo min als een pad naar de graven. Klimmend en klauterend bereiken we de graven. De Deense Kroonprins Harald heeft het ook ooit gedaan dus dan kunnen wij het ook. De graven zijn nog in ongeschonden staat. De mummies liggen in Kopenhagen en Nuuk (hoofdstad van Groenland).

Uummunnaq is een vissers-jagersdorpje aan de voet van Uummunnaq Mountain. Op een afstand lijkt het een klein eiland. In werkelijkheid een niet te nemen rotsformatie.

Ons verblijf in dit dorp met bezoek aan diverse musea, galeries, scholen en instituten, plaggenhutten o.a. het zomerverblijf van Santa Claus na een klim van anderhalf uur, is zeer informatief.

 

Weer hebben we geluk. Er is die avond een concert door leerlingen van de Childrens Home. Niemand minder dan de Deense filmster Nikolaj Coster Waldau (Game of Thrones) brengt een bezoek samen met zijn Groenlandse en Uummunnaqse vrouw en actrice.  Wij zitten eerste rang pal achter de sterren. Geweldig wat de leerlingen presteren onder leiding van muzieklerares Sofia.

We stappen nog één keer in het jachtje van Olav en varen naar het 80 km verderop gelegen Ikerasak. Onbewoond eiland met alweer een paar huizen van de Childrens Home. Overleven is de boodschap als je hierheen wordt verwezen. Geen drinkwater, wel een aggregaat. Sommige kinderen kiezen hiervoor.

Ook staan er een paar kunstwerken van Nederlandse kunstenaars o.a. Rob Sweere uit Amsterdam.

Dan weer in vliegende vaart terug. Maar eerst nog even kort langs de ijsbergen “ to kiss the iceberg”.  Gerda zit aan de kant waar je het kunstje het beste kan flikken terwijl ik film. De ijsberg is dermate groot dat we onder een uitstekend stuk door kunnen varen, maar ondertussen kletsnat worden door het smeltwater. Gerda’s rechterhand mag ze voorlopig niet wassen, hebben we afgesproken.

Dan komt ook aan dit avontuur een einde. Per helikopter vliegen we terug naar Qaarsut en via binnenlandse vluchten komen we weer in Kangerllussuaq. Hier vullen we onze wachttijd van 12 uur met een excursie naar de poolkap want die hebben we vanuit de lucht wel gezien, maar nog niet opgestaan. In 2 uur met een bus en 80 km rijden op grind en zandwegen staan we dan op de ijskap. Vorig jaar kon de gids de klanten nog 5 meter eerder op de ijskap zetten. Nu ligt die 5 meter verder.

We vliegen over de ijskap terug naar Kopenhagen, terwijl de nacht invalt. Onder de vliegtuigvleugel schijnt de maan. Prachtig!

Gedaan te Esch, 9 september 2018.

Theo van Dooren